Preek - 1 Koningen 18 - DE WARE

Inleiding

dia 1 - zwart

Vandaag gaan we verder met het verhaal van Elia.

Het gaat over kiezen.

Kies je voor God, of kies je voor afgoden?

Dat is de vraag waar het bijbelverhaal van vandaag om draait.

Wat kies je?

 

dia 2 - taart

Vaak willen we helemaal niet kiezen.

Bijvoorbeeld als je op een verjaardag bent,

en de jarige heeft 2 taarten gebakken die er even verrukkelijk uitzien:

een Oreo-monchoutaart en een hazelnootschuimtaart.

Dan verzucht je dat ze er allebei zo lekker uitzien,

en dan kom je op het fantastische idee:

‘ik kan gewoon niet kiezen, dus doe van allebei maar een stukje.’

Echt heel irritant, zulke gasten op je feestje…

 

dia 3 – de Ware / 1 Koningen 18

Als het gaat om Gód,

om de vraag wie je vertrouwt, wie je aanbidt,

dan móet je kiezen.

Je kúnt niet God combineren met andere goden.

Klinkt logisch, maar in de praktijk is het lastiger,

is het moeilijk om consequent voor God alleen te kiezen.

Om te kiezen voor de Ware – dat is direct het thema.

Er is maar één ware God,

en met deze preek wil ik je helpen

om in de praktijk ook echt voor hém te kiezen.

 

We gaan nu eerst naar dat bijbelverhaal – 1 Koningen 18.

Het is een lang verhaal, dus het begin vat ik samen.

Nadat Elia koning Achab aankondigde dat het 3 jaar niet zou regenen,

blijft Elia onder de radar bij een weduwe in Sarefat.

In 1 Koningen 18 komt Elia terug,

met de boodschap dat het weer zal gaan regenen.

Onderweg ontmoet Elia een zekere Obadja, hofmeester van Achab.

Elia laat Obadja Achab halen,

en zo ontmoeten Achab en Elia elkaar weer.

Achab beschuldigt Elia direct: ‘jij hebt dit land in het ongeluk gestort!’

Maar Elia kaatst terug: ‘dat hebt u zelf gedaan, door Baäl te aanbidden.’

Elia doet Achab een voorstel: laat heel Israël naar de berg Karmel komen.

En daar beginnen we met lezen: 1 Koningen 18:20-46.

 

1.   Hinken op 2 gedachten

dia 4 – God én Baäl

Het probleem van Israël –Elia zegt het in vers 21-

is dit: ze hinken op 2 gedachten.

De Israëlieten kunnen niet kiezen tussen God en Baäl.

Of ze willen niet kiezen.

Ze doen alsof de keuze tussen God en Baäl

de keuze tussen een Oreo-monchoutaart en een hazelnootschuimtaart is:

‘doe van allebei maar een stukje.’

 

In Israël is Baäl een nieuwkomer,

maar zijn opmars door het land is razendsnel gegaan.

Het is ook niet de minste die Baäl introduceerde: het was koning Achab zelf.

Achab was getrouwd met Izebel,

dochter van de koning van Sidon – een belangrijke handelspartner,

en Izebel had Baäl, de God van de welvaart, uit haar land meegenomen.

Achab doet zijn vrouw graag een plezier,

dat is  namelijk goed voor de handel en dus voor de economie,

en dus gaat Israël aan de Baäldienst.

 

Baäl schuift gewoon aan naast God.

Wie niet aan Baäl wil, die heeft het in Israël zwaar in die tijd

-Baäl was verplichte kost voor alle Israëlieten-

maar je kon Baäl en God gerust combineren.

Dat deden heel wat Israëlieten:

een beetje van Baäl en een beetje van God.

De godenwereld is per slot van rekening best een schimmige wereld,

dus dan kun je maar beter je kansen een beetje spreiden.

 

dia 5 – God én…

Die hele godenwereld staat ver van ons af,

maar dat idee van je kansen spreiden komt al dichterbij.

In onze wereld zien de goden er heel anders uit dan Baäl,

maar daarom zijn het nog niet minder góden.

Voor je het weet, ben je ze ook als christen aan het combineren: God én…

 

Als je alle toeters en bellen van Baäl afhaalt,

de beeldjes, de profeten, de offers,

dan is Baäl helemaal zo gek nog niet:

Baäl staat voor vruchtbaarheid en welvaart,

en die aanbidden we tegenwoordig niet minder dan toen…

We vinden het alleen lastig ze als afgoden te herkennen.

 

Dat heeft te maken met dat afgoden in principe goede dingen zijn

die té belangrijk voor je zijn geworden.

Neem bijvoorbeeld welvaart: op zich is daar niets mis mee,

je mag het zelfs zien als een zegen van God.

Maar het gaat mis als welvaart álles voor je wordt,

je daar ook alles voor wilt geven, oftewel: offeren,

en je welvaart gaat aanbidden.

 

Wat zijn dan die afgoden van vandaag?

Daar wordt het spannend!

Ik zal maar niet om de hete brij heen draaien:

ík denk dat in hoe we met de coronacrisis omgaan

veel afgodendienst om de hoek komt kijken.

De een verdedigt met religieuze felheid

dat de coronateugels verder moeten worden aangehaald,

we kunnen niet voorzichtig genoeg zijn,

terwijl de ander met eenzelfde religieuze felheid

verkondigt dat het afgelopen moet zijn met die waanzin

en het hoog tijd wordt terug naar normaal te gaan.

Juist die felheid laat zien dat dit meer is dan een meningsverschil:

het zijn godsdiensten geworden,

waar de een gezondheid aanbidt, en de ander vrijheid.

 

Daar zie je direct dat afgoden goede dingen zijn:

gezondheid en vrijheid zijn allebei een zegen.

Maar als één van beide alles voor je wordt, dan heb je een afgod te pakken.

Wat mijzelf betreft: dat gezondheid in deze crisis een afgod is,

dat denk ik al langer.

Ik vind dat onze regering het goed doet, maar ben ook kritisch:

maken de maatregelen niet een te grote inbreuk op ons leven?

 

dia 6 - mondkapje

Ik fiets tegenwoordig elke maandag naar Amsterdam, en neem dan de Hempont.

Omdat dat Openbaar Vervoer is, is een mondkapje daar verplicht.

Dat je gewoon anderhalve meter uit elkaar staat op een buitendek,

dat doet daar blijkbaar niets van af.

Dán denk ik: wat een flauwekul – wat is dit voor religieuze cultus?

 

Dus dat gezondheid een afgod kan zijn – dat denk ik al langer.

Maar afgelopen week ontdekte ik

dat ik misschien wel die ándere afgod aanbid: vrijheid.

Waarom wind ik me zo op over die mondkapjes-flauwekul?

Ik vind het echt onzin, tegelijk is het een kleine moeite.

Maar ik vind het zo moeilijk omdat ik aan mijn vrijheid hecht.

 

Afgoden zijn dus helemaal niet ver weg – daar gaat het me om.

Het maakt me eigenlijk niet uit voor welk van deze goden,

gezondheid of vrijheid, je de meeste sympathie hebt,

als je maar ziet dat het allebei goden kunnen worden,

die je zomaar náást God gaat aanbidden.

 

2.   De enige ware God

dia 7 – een keuze maken

‘Hoe lang blijven jullie nog op 2 gedachten hinken?’ vraagt Elia dan.

Elia wil dat je een keuze maakt:

‘Als de Heer God is, volg hem dan,

is Baäl het, of vrijheid, of gezondheid, volg dan hem.’

 

De Israëlieten zijn nog niet echt happig om te kiezen:

ze hebben nu van allebei een stukje, God én Baäl,

en dat bevalt ze prima.

Dan lanceert Elia het idee van een soort wedstrijd tussen de goden.

Laat de Baälprofeten maar eens bewijzen wat hun Baäl waard is,

dan zal Elia tot de Heer bidden,

en de God die reageert, is de enige ware.

De Israëlieten gaan akkoord met het voorstel van Elia.

Ze zijn bereid te kiezen – en dat is al heel wat!

Nu kan het echt gaan beginnen,

nu zal duidelijk worden welke God de ware is,

welke God de enige is die jouw aanbidding waard is.

 

dia 8 - veeleisend

Elia is zeker van zijn zaak,

en wil graag dat eerst duidelijk wordt wat je aan Baäl hebt: niets,

voor God laat zien wat je aan hém hebt.

Daarom mogen de Baälprofeten beginnen.

Laten wij ook maar met Baäl en onze goden beginnen.

Wat als eerste opvalt is dat Baäl kapsones heeft:

hij is een nogal veeleisende god.

Als je iets van hem wilt,

dan zul je flink aan de bak moeten om zijn aandacht te trekken.

Daar nemen de Baälprofeten alle tijd voor: de hele ochtend bidden ze tot Baäl.

Ze dansen, ze springen, ze gaan op hun kop staan,

maar het lijkt erop dat Baäl er geen zin in heeft.

Intussen staat Elia demonstratief op zijn horloge te kijken:

‘nou jongens, komt er nog wat van?

Is Baäl op vakantie of zo?

Of zit hij gewoon op de wc en wenst hij niet gestoord te worden?

Misschien moeten jullie harder roepen!’

Elia drijft er de spot mee,

maar de Baälprofeten nemen het letterlijk bloedserieus.

Ze roepen en schreeuwen, ze verwonden zichzelf met hun zwaarden,

geven hun bloed aan Baäl –

ze doen álles om een reactie te krijgen.

 

Afgoden zijn veeleisend,

niet alleen Baäl maar ook gezondheid en vrijheid.

Als je gezondheid álles voor je is,

dan offer je voor de zekerheid alles om maar gezond te blijven.

En dan denk ik niet aan die mondkapjes,

maar wel aan dat mensen alleen zijn gestorven:

we hebben een stukje menselijkheid geofferd.

Maar vrijheid als afgod is niet minder veeleisend:

als we nu terug gaan naar normaal,

offeren we de kwetsbaren voor onze vrijheid.

Zó veeleisend zijn afgoden.

 

dia 9 – geen macht

En je krijgt er niets voor terug…

Dat is misschien nog wel het zuurste.

Heb je de hele dag je de longen uit het lijf geschreeuwd,

heb je zelfs je bloed aan Baäl gegeven,

laat Baäl het afweten!

Van Baäl wordt niets vernomen.

Geen vuur uit de hemel, zoals was afgesproken,

ook geen regen, waarvan je zou verwachten dat het de specialiteit is

van een god van de vruchtbaarheid – nee: helemaal niets.

Baäl heeft geen macht.

Het is al net zo zinloos om alles aan vrijheid of gezondheid te offeren:

je kríjgt niet wat je wilt!

Met al onze regels hebben we corona nog altijd niet onder controle,

en zouden we alle regels loslaten,

dan krijg je geen vrijheid, maar gaat het recht van de sterkste gelden.

 

dia 10 - veelgevend

Laten we dus maar verder kijken naar hoe Gód het er vanaf brengt.

God is helemaal niet veeleisend.

Op geen enkele manier wekt Elia de indruk

dat hij God moet manipuleren en dat dat veel kost.

Nee: Elia doet juist zijn best om te laten zien

dat hij de boel níet aan het manipuleren is.

Hij maakt het voor God extra moeilijk

door te zorgen dat het altaar kletsnat is.

En dat in een land waar al drie jaar geen druppel is gevallen…

Als Elia dan gaat bidden, is het echt een verademing:

geen geschreeuw en zwaardengetrek om de aandacht te krijgen,

maar heel eenvoudig: ‘u bent God, laat iedereen het zien’

Elia probeert God niet te controleren, zoals de Baälprofeten,

maar laat de controle helemaal los.

 

Want God is niet veeleisend, God is juist ‘veelgevend’.

Tegenover onze goden, die grote offers vragen,

is God de God die zichzelf geeft!

Jezus geeft zíjn bloed aan ons –

hij vráágt geen bloed, maar hij offert zichzelf aan het kruis!

Alleen dat al maakt hem je aanbidding waard!

 

dia 11 – alle macht

Maar er is meer.

Baäl en onze goden hebben geen macht:

ze vragen veel, maar leveren niet wat ze beloven.

Gód daarentegen heeft alle macht.

Dát is wat hij daar op de Karmel demonstreert.

De Baälprofeten verklaren Elia voor gek dat hij het God zo moeilijk maakt:

wat een afgang zou het zijn als er wel vuur van God komt,

maar het offer geen vlam vat omdat het te nat is…

Maar God gaat er met groot machtsvertoon overheen:

niet alleen het offer, maar heel het altaar verteert.

En dan laat God het ook eindelijk regenen –

weer zoiets dat Baäl niet voor elkaar kreeg.

 

God heeft alle macht.

Dat liet hij die dag op de Karmel zien.

In Jezus laat God het ook aan jou zien.

Na het offer aan het kruis kwam Pasen – Jezus is opgestaan!

Daar laat God zien dat hij boven alles staat,

zelfs boven de macht van de dood.

Hij is daarom de enige die je aanbidding waard is.

 

3.   Aanbidding

dia 12 - aanbidding

Op die aanbidding loopt het  uit.

Israël kiest: ‘de Heer is God!’

Ik zou zeggen: doe je mee?

Andere dingen, hoe mooi ook!,

zijn je religieuze passie niet waard.

Vrijheid niet, gezondheid niet, alle andere goden niet.

Alleen God is je religieuze passie, je aanbidding, waard!

 

En het mooie: dat maakt je ontspannen.

Die profeten van Baäl werken op mijn lachspieren,

maar ik voel ook medelijden met ze.

Ze proberen wanhopig iets te krijgen,

offeren daar alles voor op,

maar blijven met lege handen achter.

Elia maakt juist een krachtige en ontspannen indruk:

hij weet wie God is – en dat is genoeg voor hem.

Laten we die God aanbidden!

Amen.

1 Koningen 18 - DE WARE

Inleiding

dia 1 - zwart

Vandaag gaan we verder met het verhaal van Elia.

Het gaat over kiezen.

Kies je voor God, of kies je voor afgoden?

Dat is de vraag waar het bijbelverhaal van vandaag om draait.

Wat kies je?

 

dia 2 - taart

Vaak willen we helemaal niet kiezen.

Bijvoorbeeld als je op een verjaardag bent,

en de jarige heeft 2 taarten gebakken die er even verrukkelijk uitzien:

een Oreo-monchoutaart en een hazelnootschuimtaart.

Dan verzucht je dat ze er allebei zo lekker uitzien,

en dan kom je op het fantastische idee:

‘ik kan gewoon niet kiezen, dus doe van allebei maar een stukje.’

Echt heel irritant, zulke gasten op je feestje…

 

dia 3 – de Ware / 1 Koningen 18

Als het gaat om Gód,

om de vraag wie je vertrouwt, wie je aanbidt,

dan móet je kiezen.

Je kúnt niet God combineren met andere goden.

Klinkt logisch, maar in de praktijk is het lastiger,

is het moeilijk om consequent voor God alleen te kiezen.

Om te kiezen voor de Ware – dat is direct het thema.

Er is maar één ware God,

en met deze preek wil ik je helpen

om in de praktijk ook echt voor hém te kiezen.

 

We gaan nu eerst naar dat bijbelverhaal – 1 Koningen 18.

Het is een lang verhaal, dus het begin vat ik samen.

Nadat Elia koning Achab aankondigde dat het 3 jaar niet zou regenen,

blijft Elia onder de radar bij een weduwe in Sarefat.

In 1 Koningen 18 komt Elia terug,

met de boodschap dat het weer zal gaan regenen.

Onderweg ontmoet Elia een zekere Obadja, hofmeester van Achab.

Elia laat Obadja Achab halen,

en zo ontmoeten Achab en Elia elkaar weer.

Achab beschuldigt Elia direct: ‘jij hebt dit land in het ongeluk gestort!’

Maar Elia kaatst terug: ‘dat hebt u zelf gedaan, door Baäl te aanbidden.’

Elia doet Achab een voorstel: laat heel Israël naar de berg Karmel komen.

En daar beginnen we met lezen: 1 Koningen 18:20-46.

 

1.   Hinken op 2 gedachten

dia 4 – God én Baäl

Het probleem van Israël –Elia zegt het in vers 21-

is dit: ze hinken op 2 gedachten.

De Israëlieten kunnen niet kiezen tussen God en Baäl.

Of ze willen niet kiezen.

Ze doen alsof de keuze tussen God en Baäl

de keuze tussen een Oreo-monchoutaart en een hazelnootschuimtaart is:

‘doe van allebei maar een stukje.’

 

In Israël is Baäl een nieuwkomer,

maar zijn opmars door het land is razendsnel gegaan.

Het is ook niet de minste die Baäl introduceerde: het was koning Achab zelf.

Achab was getrouwd met Izebel,

dochter van de koning van Sidon – een belangrijke handelspartner,

en Izebel had Baäl, de God van de welvaart, uit haar land meegenomen.

Achab doet zijn vrouw graag een plezier,

dat is  namelijk goed voor de handel en dus voor de economie,

en dus gaat Israël aan de Baäldienst.

 

Baäl schuift gewoon aan naast God.

Wie niet aan Baäl wil, die heeft het in Israël zwaar in die tijd

-Baäl was verplichte kost voor alle Israëlieten-

maar je kon Baäl en God gerust combineren.

Dat deden heel wat Israëlieten:

een beetje van Baäl en een beetje van God.

De godenwereld is per slot van rekening best een schimmige wereld,

dus dan kun je maar beter je kansen een beetje spreiden.

 

dia 5 – God én…

Die hele godenwereld staat ver van ons af,

maar dat idee van je kansen spreiden komt al dichterbij.

In onze wereld zien de goden er heel anders uit dan Baäl,

maar daarom zijn het nog niet minder góden.

Voor je het weet, ben je ze ook als christen aan het combineren: God én…

 

Als je alle toeters en bellen van Baäl afhaalt,

de beeldjes, de profeten, de offers,

dan is Baäl helemaal zo gek nog niet:

Baäl staat voor vruchtbaarheid en welvaart,

en die aanbidden we tegenwoordig niet minder dan toen…

We vinden het alleen lastig ze als afgoden te herkennen.

 

Dat heeft te maken met dat afgoden in principe goede dingen zijn

die té belangrijk voor je zijn geworden.

Neem bijvoorbeeld welvaart: op zich is daar niets mis mee,

je mag het zelfs zien als een zegen van God.

Maar het gaat mis als welvaart álles voor je wordt,

je daar ook alles voor wilt geven, oftewel: offeren,

en je welvaart gaat aanbidden.

 

Wat zijn dan die afgoden van vandaag?

Daar wordt het spannend!

Ik zal maar niet om de hete brij heen draaien:

ík denk dat in hoe we met de coronacrisis omgaan

veel afgodendienst om de hoek komt kijken.

De een verdedigt met religieuze felheid

dat de coronateugels verder moeten worden aangehaald,

we kunnen niet voorzichtig genoeg zijn,

terwijl de ander met eenzelfde religieuze felheid

verkondigt dat het afgelopen moet zijn met die waanzin

en het hoog tijd wordt terug naar normaal te gaan.

Juist die felheid laat zien dat dit meer is dan een meningsverschil:

het zijn godsdiensten geworden,

waar de een gezondheid aanbidt, en de ander vrijheid.

 

Daar zie je direct dat afgoden goede dingen zijn:

gezondheid en vrijheid zijn allebei een zegen.

Maar als één van beide alles voor je wordt, dan heb je een afgod te pakken.

Wat mijzelf betreft: dat gezondheid in deze crisis een afgod is,

dat denk ik al langer.

Ik vind dat onze regering het goed doet, maar ben ook kritisch:

maken de maatregelen niet een te grote inbreuk op ons leven?

 

dia 6 - mondkapje

Ik fiets tegenwoordig elke maandag naar Amsterdam, en neem dan de Hempont.

Omdat dat Openbaar Vervoer is, is een mondkapje daar verplicht.

Dat je gewoon anderhalve meter uit elkaar staat op een buitendek,

dat doet daar blijkbaar niets van af.

Dán denk ik: wat een flauwekul – wat is dit voor religieuze cultus?

 

Dus dat gezondheid een afgod kan zijn – dat denk ik al langer.

Maar afgelopen week ontdekte ik

dat ik misschien wel die ándere afgod aanbid: vrijheid.

Waarom wind ik me zo op over die mondkapjes-flauwekul?

Ik vind het echt onzin, tegelijk is het een kleine moeite.

Maar ik vind het zo moeilijk omdat ik aan mijn vrijheid hecht.

 

Afgoden zijn dus helemaal niet ver weg – daar gaat het me om.

Het maakt me eigenlijk niet uit voor welk van deze goden,

gezondheid of vrijheid, je de meeste sympathie hebt,

als je maar ziet dat het allebei goden kunnen worden,

die je zomaar náást God gaat aanbidden.

 

2.   De enige ware God

dia 7 – een keuze maken

‘Hoe lang blijven jullie nog op 2 gedachten hinken?’ vraagt Elia dan.

Elia wil dat je een keuze maakt:

‘Als de Heer God is, volg hem dan,

is Baäl het, of vrijheid, of gezondheid, volg dan hem.’

 

De Israëlieten zijn nog niet echt happig om te kiezen:

ze hebben nu van allebei een stukje, God én Baäl,

en dat bevalt ze prima.

Dan lanceert Elia het idee van een soort wedstrijd tussen de goden.

Laat de Baälprofeten maar eens bewijzen wat hun Baäl waard is,

dan zal Elia tot de Heer bidden,

en de God die reageert, is de enige ware.

De Israëlieten gaan akkoord met het voorstel van Elia.

Ze zijn bereid te kiezen – en dat is al heel wat!

Nu kan het echt gaan beginnen,

nu zal duidelijk worden welke God de ware is,

welke God de enige is die jouw aanbidding waard is.

 

dia 8 - veeleisend

Elia is zeker van zijn zaak,

en wil graag dat eerst duidelijk wordt wat je aan Baäl hebt: niets,

voor God laat zien wat je aan hém hebt.

Daarom mogen de Baälprofeten beginnen.

Laten wij ook maar met Baäl en onze goden beginnen.

Wat als eerste opvalt is dat Baäl kapsones heeft:

hij is een nogal veeleisende god.

Als je iets van hem wilt,

dan zul je flink aan de bak moeten om zijn aandacht te trekken.

Daar nemen de Baälprofeten alle tijd voor: de hele ochtend bidden ze tot Baäl.

Ze dansen, ze springen, ze gaan op hun kop staan,

maar het lijkt erop dat Baäl er geen zin in heeft.

Intussen staat Elia demonstratief op zijn horloge te kijken:

‘nou jongens, komt er nog wat van?

Is Baäl op vakantie of zo?

Of zit hij gewoon op de wc en wenst hij niet gestoord te worden?

Misschien moeten jullie harder roepen!’

Elia drijft er de spot mee,

maar de Baälprofeten nemen het letterlijk bloedserieus.

Ze roepen en schreeuwen, ze verwonden zichzelf met hun zwaarden,

geven hun bloed aan Baäl –

ze doen álles om een reactie te krijgen.

 

Afgoden zijn veeleisend,

niet alleen Baäl maar ook gezondheid en vrijheid.

Als je gezondheid álles voor je is,

dan offer je voor de zekerheid alles om maar gezond te blijven.

En dan denk ik niet aan die mondkapjes,

maar wel aan dat mensen alleen zijn gestorven:

we hebben een stukje menselijkheid geofferd.

Maar vrijheid als afgod is niet minder veeleisend:

als we nu terug gaan naar normaal,

offeren we de kwetsbaren voor onze vrijheid.

Zó veeleisend zijn afgoden.

 

dia 9 – geen macht

En je krijgt er niets voor terug…

Dat is misschien nog wel het zuurste.

Heb je de hele dag je de longen uit het lijf geschreeuwd,

heb je zelfs je bloed aan Baäl gegeven,

laat Baäl het afweten!

Van Baäl wordt niets vernomen.

Geen vuur uit de hemel, zoals was afgesproken,

ook geen regen, waarvan je zou verwachten dat het de specialiteit is

van een god van de vruchtbaarheid – nee: helemaal niets.

Baäl heeft geen macht.

Het is al net zo zinloos om alles aan vrijheid of gezondheid te offeren:

je kríjgt niet wat je wilt!

Met al onze regels hebben we corona nog altijd niet onder controle,

en zouden we alle regels loslaten,

dan krijg je geen vrijheid, maar gaat het recht van de sterkste gelden.

 

dia 10 - veelgevend

Laten we dus maar verder kijken naar hoe Gód het er vanaf brengt.

God is helemaal niet veeleisend.

Op geen enkele manier wekt Elia de indruk

dat hij God moet manipuleren en dat dat veel kost.

Nee: Elia doet juist zijn best om te laten zien

dat hij de boel níet aan het manipuleren is.

Hij maakt het voor God extra moeilijk

door te zorgen dat het altaar kletsnat is.

En dat in een land waar al drie jaar geen druppel is gevallen…

Als Elia dan gaat bidden, is het echt een verademing:

geen geschreeuw en zwaardengetrek om de aandacht te krijgen,

maar heel eenvoudig: ‘u bent God, laat iedereen het zien’

Elia probeert God niet te controleren, zoals de Baälprofeten,

maar laat de controle helemaal los.

 

Want God is niet veeleisend, God is juist ‘veelgevend’.

Tegenover onze goden, die grote offers vragen,

is God de God die zichzelf geeft!

Jezus geeft zíjn bloed aan ons –

hij vráágt geen bloed, maar hij offert zichzelf aan het kruis!

Alleen dat al maakt hem je aanbidding waard!

 

dia 11 – alle macht

Maar er is meer.

Baäl en onze goden hebben geen macht:

ze vragen veel, maar leveren niet wat ze beloven.

Gód daarentegen heeft alle macht.

Dát is wat hij daar op de Karmel demonstreert.

De Baälprofeten verklaren Elia voor gek dat hij het God zo moeilijk maakt:

wat een afgang zou het zijn als er wel vuur van God komt,

maar het offer geen vlam vat omdat het te nat is…

Maar God gaat er met groot machtsvertoon overheen:

niet alleen het offer, maar heel het altaar verteert.

En dan laat God het ook eindelijk regenen –

weer zoiets dat Baäl niet voor elkaar kreeg.

 

God heeft alle macht.

Dat liet hij die dag op de Karmel zien.

In Jezus laat God het ook aan jou zien.

Na het offer aan het kruis kwam Pasen – Jezus is opgestaan!

Daar laat God zien dat hij boven alles staat,

zelfs boven de macht van de dood.

Hij is daarom de enige die je aanbidding waard is.

 

3.   Aanbidding

dia 12 - aanbidding

Op die aanbidding loopt het  uit.

Israël kiest: ‘de Heer is God!’

Ik zou zeggen: doe je mee?

Andere dingen, hoe mooi ook!,

zijn je religieuze passie niet waard.

Vrijheid niet, gezondheid niet, alle andere goden niet.

Alleen God is je religieuze passie, je aanbidding, waard!

 

En het mooie: dat maakt je ontspannen.

Die profeten van Baäl werken op mijn lachspieren,

maar ik voel ook medelijden met ze.

Ze proberen wanhopig iets te krijgen,

offeren daar alles voor op,

maar blijven met lege handen achter.

Elia maakt juist een krachtige en ontspannen indruk:

hij weet wie God is – en dat is genoeg voor hem.

Laten we die God aanbidden!

Amen.