Preek - 1 Tessalonicenzen 5:18 - POSITIEF IN HET LEVEN

Inleiding

Het is een beetje een raar jaar om dankdag te vieren.

Het liefste zou ik in een lange winterslaap gaan

en 2020 zo snel mogelijk vergeten.

Maak me maar weer wakker als alles weer gewoon is!

 

Voor veel mensen is dit jaar gewoon een ellendig jaar:

als je familie of vrienden aan corona verloren hebt,

of als het virus jou te pakken heeft genomen

en je je afvraagt of je ooit weer de oude zult worden.

Of als je werkte in een branche waar geen werk meer is,

en je schulden nu snel oplopen.

Maar ook als je niet zo rechtstreeks getroffen bent:

de kleur van het leven is er wel vanaf.

Er is gewoon niks aan zo.

 

Normaal op dankdag danken we voor volle supermarkten,

maar zelfs dat viel dit jaar een beetje tegen.

Hoe vaak ik niet ‘bloem’ op mijn boodschappenlijstje had staan,

en dan wéér voor een leeg schap stond.

Alsof iedereen zich op Heel Holland Bakt ging voorbereiden –

ik ben benieuwd of de bakkers dit jaar inderdaad nóg veel beter zijn!

 

Maar kunnen we dankdag dit jaar dan niet beter overslaan?

Nee! Paulus zegt: ‘dank God onder alle omstandigheden.’

Dus ook in dit jaar, dat we het liefst zo snel mogelijk vergeten.

Ik wil met jullie nadenken over die woorden uit 1 Tessalonicenzen 5.

Ik hoop dat het je helpt om ook in deze rare omstandigheden

dankbaar te zijn en positief in het leven te blijven staan!

Laten we het eerst gaan lezen: 1 Tessalonicenzen 5:12-24.

 

1.   Omstandigheden

‘Dank God onder alle omstandigheden.’

Is dat niet een beetje makkelijk van Paulus, een goedkoop advies?

Als jij iets heel ergs meemaakt,

je been moet worden geamputeerd na een zwaar ongeval,

of je moet gedwongen je huis uit omdat je het niet meer betalen kunt,

dan voel je je toch volstrekt niet serieus genomen als iemand zegt:

‘tja, heel vervelend allemaal, maar toch moet je dankbaar zijn.’

Dan denk je: ‘weet je wel waar je het over hebt?

Je kletst maar wat – val mij daar niet mee lastig!’

Is dat met dat advies van Paulus niet ook zo?

Híj zit niet in onze omstandigheden!

 

Nu schrijft Paulus deze brief ook niet rechtstreeks aan ons.

Niet aan Menorah-Zaanstad per adres Postbus 1192 in Zaandam.

Op de envelop van deze brief staat heel duidelijk:

‘aan de christenen in Tessalonica’.

Dus dan is het wel zo eerlijk niet direct naar onze,

maar eerst naar hun omstandigheden te kijken.

In de brief is daar wel wat over te vinden.

Bijvoorbeeld in hoofdstuk 1:6:

‘onder zware beproevingen hebt u het woord ontvangen

met de vreugde van de heilige Geest.’

Of in 2:14: ‘u hebt even zwaar onder uw stadsgenoten geleden

als de gemeenten in Judea onder de Joden.’

Dat klinkt ook niet als heel rooskleurige omstandigheden…

 

Maar je kunt niet zeggen dat Paulus maar wat kletst:

deze omstandigheden kent hij maar al te goed.

In 2:2 schrijft hij: ‘ondanks de mishandelingen en beledigingen

die wij, zoals u bekend is, in Filippi te verduren hadden,

vonden we in vertrouwen op onze God

de moed u bekend te maken met het evangelie.’

Paulus weet wat moeilijke omstandigheden zijn,

weet precies wat de christenen in Tessalonica meemaken,

en komt dán met dit advies: ‘wat er ook gebeurt, dank God!’

 

Als Paulus vandaag zou leven,

en ons vandaag een brief zou schrijven

vanuit een klein flatje in een ver land in lockdown,

dan zou hij ons precies hetzelfde schrijven:

‘dank God in alle omstandigheden.’

Natuurlijk weet Paulus dat dat niet vanzelf gaat,

daarom schrijft hij er ook over.

Papier was veel te kostbaar om open deuren in te trappen.

Paulus zou op zijn satelliet-tv’tje zien wat de coronacrisis met ons doet.

En het zou hem niet heel vrolijk stemmen.

 

Want wat een negativiteit is er in ons landje!

We zijn het land van de korte lontjes geworden: iedereen is boos.

Bij de supermarkt wensen mensen elkaar corona toe

als ze zich aan elkaar irriteren.

Nee, dat heb ik echt niet verzonnen! Helaas…

De een is boos op virusontkenners,

de ander is boos op de Nederlandse regering,

en nog weer anderen zijn gewoon boos,

zonder dat ze weten op wie ze nu eigenlijk boos zijn.

Intussen voelen zorgverleners zich niet meer serieus genomen

en krijgen we in de ene na de andere analyse te horen

dat het allemaal onze eigen schuld is.

Dat giftige mengsel van onvrede en frustraties

is dan weer een fantastische voedingsbodem voor complottheorieën.

Mensen die zeiden dat ze nooit in een God zouden kunnen geloven,

blijken opeens in heel wat raardere dingen te geloven…

 

En het engste: ik merk het ook bij mijzelf.

Dat ik er gefrustreerd en nukkig van wordt,

en dat ik er echt tegen moet vechten

om niet in al die negativiteit mee te gaan.

Daarom heb ik besloten geen persconferenties te kijken:

dan zit ik me de rest van de avond alleen maar op te winden.

Bovendien is het het perfecte moment om boodschappen te doen:

dan heb je de hele supermarkt voor jezelf!

 

2.   Positief leven

Tegenover die negatieve spiraal,

waarin we met elkaar alleen maar gefrustreerder worden,

staat die oproep van Paulus: ‘dank God onder alle omstandigheden.’

Niet omdat dat logisch is, of omdat dat makkelijk is,

maar omdat dankbaarheid een medicijn is tegen negativiteit,

omdat dankbaarheid helpt om positief in het leven te blijven staan,

ook als de omstandigheden je niet blij maken.

 

Daarmee bedoelt Paulus niet dat christenen

een soort ‘plastic’ optimisten moeten worden,

die overal wel weer iets positiefs uit weten te halen.

Sommige dingen zijn nu eenmaal niet positief,

en die moet je ook met een nep laagje plastic mooi maken.

Christenen zijn niet perse mensen

voor wie het glas altijd halfvol is,

die op het irritante af overal wel weer iets positiefs uit weten te halen.

Het is fijn als je een optimistisch karakter hebt,

dat maakt het leven een stukje makkelijker,

maar Paulus bedoelt niet dat je dat als christen geforceerd moet gaan doen,

dat je al het negatieve maar gewoon weg moet relativeren.

Want dan neem je de omstandigheden niet serieus.

Soms is er even weinig positiefs te bedenken, en dat hoeft dan ook niet,

‘maar,’ zegt Paulus, ‘dank ook dan God.’

 

Wat bedoelt hij daar dan mee?

Voor Paulus is danken een levenshouding.

Net als bidden: Paulus zegt dat je dat onophoudelijk moet doen.

Dat is niet de hele dag je handen vouwen en je ogen dicht,

dan gebeuren er namelijk grote ongelukken,

maar wel de hele dag de verbinding met God open houden.

Met danken is het net zo:

het is niet het noemen van zo veel mogelijk dankpunten,

maar een manier van in het leven staan.

Het is beseffen dat je alles wat je hebt van God hebt gekregen.

Het water dat je drinkt, de zuurstof die je inademt – alles!

Dankbaar zijn is beseffen dat God goed voor je is,

ook als er dingen gebeuren die helemaal niet goed zijn.

Dankbaar zijn is ‘nee’ zeggen tegen negativiteit,

en ‘ja’ tegen Gods genade,

en daarom positief in het leven staan,

ook als de omstandigheden niet positief zijn.

 

Weet je, ik denk dat iedereen wel zo in het leven wil staan.

Ook al is iedereen boos, bijna niemand vindt dat echt fijn.

Maar hoe kun je in deze tijd nu niet negatief zijn,

zonder jezelf te bedriegen?

Paulus zou dan zeggen: omdat God van je houdt!

Dat schrijft hij in zijn brief ook, in hoofdstuk 1:4:

‘God heeft u lief, broeders en zusters.’

Dát is de basis, is de reden dat je dankbaar en positief in het leven kunt staan.

 

Weten dat je geliefd bent, maakt verschil voor hoe je in het leven staat.

Als je een dag hebt waarop niets lijkt te lukken,

maar je hebt wel een warme familie of goede vrienden,

dan maakt dat die baaldag minder belangrijk,

het helpt je om positief te blijven.

Als je net verkering hebt, stapelverliefd bent,

sta je direct een stuk positiever in het leven,

en kun je veel gemakkelijker met dingen omgaan

die je anders van je stuk zouden hebben gebracht.

 

Dé reden om positief te blijven, de basis onder dankbaarheid,

is dat God van je houdt.

Als je dat goed tot je laat doordringen, dan wordt je daar blij van.

Daarom kan Paulus ook zeggen: ‘wees altijd verheugd’.

Niet omdat het leven altijd vrolijk is, maar omdat God van je houdt.

‘God is trouw’, zegt Paulus even verderop, ‘en doet wat hij belooft.’

Dat maakt dat het niet alleen fijner is om positief in het leven te staan,

maar dat je ook een reden hebt om dat te doen.

 

Want het werkt door in je leven.

Als de basishouding negatief is, als je gedreven wordt door boosheid en frustratie,

dan kleurt dat ook de rest van je leven.

Voor je het weet kom je door je coronafrustratie terecht in een negatieve modus.

Je begint te zeuren en te mopperen,

ook over dingen die helemaal los staan van corona.

Je sluit je op in je eigen gelijk, en maakt je wereld zo kleiner.

Je gaat ruzie maken en vervreemdt mensen van je.

Negativiteit is een fuik waar je in verstrikt raakt,

en waar je heel moeilijk weer uit komt.

 

Maar dankbaarheid werkt net zo goed door in je leven.

Als jouw basis is dat je weet dat God van je houdt,

dat God voor jou zorgt,

dat je alles wat je hebt van God gekregen hebt,

dan kleurt dat óók de rest van je leven.

Dan zit je namelijk al in een positieve modus,

en is het veel makkelijker om ook andere positieve dingen te zien.

 

Even een onbenullig voorbeeld:

ik noemde dat de bloem steeds uitverkocht was.

Maar dat is niet het hele verhaal:

sóms stond er namelijk duurdere biologische bloem als alternatief.

Als je al in een negatieve modus zit,

dan ga je daar waarschijnlijk ook negatief op reageren:

‘ja hoor, ik ga zeker 2 keer zo veel betalen voor een pak bloem – dacht het niet!’

Maar als je basishouding positief is,

dan ben je juist blij dat je tóch nog koekjes kunt bakken!

Dus: als de basis positief is,

omdat je weet dat God wel voor je zorgt,

dan kun je ook in de dagelijkse dingen positief in het leven staan.

Dan kun je dankbaar zijn voor dubbel zo dure bloem.

Dankbaarheid is een houding die zichzelf versterkt.

 

Die oproep, ‘dank God onder alle omstandigheden’,

moet je dus niet zien als onmogelijke opdracht

van iemand die geen idee heeft waar hij het over heeft.

Het is juist een advies vol wijsheid:

hoe moeilijk het leven ook is, trap niet in de valkuil van negativiteit,

maar leef juist vanuit dankbaarheid.

‘Dat’, zegt Paulus er achteraan, ‘is wat God van u verlangt.’

Anders gezegd: dat is Gods verlangen voor jou –

hij gunt jou een dankbaar leven!

 

3.   Dankbaar

Hoe kun je daarin groeien?

Je kunt groeien in dankbaarheid door er een gewoonte van te maken

elke dag een paar positieve dingen op te schrijven

waar je God voor wilt danken.

Of door jezelf te dwingen dat als je bidt,

je dan niet direct naar  de dingen gaat die je van God zou willen,

maar eerst de tijd neemt om God te bedanken.

En ik zou zeggen: doe dat soort dingen vooral!

 

Maar het begint bij die basis:

dat je weet dat je door God geliefd bent,

dat God trouw is en jou geeft wat je nodig hebt.

Dat geeft namelijk zoveel meer diepte aan dankbaarheid!

Elke psycholoog zal je vertellen dat het goed is positief te denken,

maar met God heb je ook een reden om positief te denken:

hij houdt van je!

Wil je groeien in dankbaarheid, begin dan daar.

Houdt het jezelf elke dag even voor:

‘ik ben geliefd door God.’

Of nog mooier: zeg het steeds tegen elkaar –

‘jij bent geliefd door God.’

Amen.

1 Tessalonicenzen 5:18 - POSITIEF IN HET LEVEN

Inleiding

Het is een beetje een raar jaar om dankdag te vieren.

Het liefste zou ik in een lange winterslaap gaan

en 2020 zo snel mogelijk vergeten.

Maak me maar weer wakker als alles weer gewoon is!

 

Voor veel mensen is dit jaar gewoon een ellendig jaar:

als je familie of vrienden aan corona verloren hebt,

of als het virus jou te pakken heeft genomen

en je je afvraagt of je ooit weer de oude zult worden.

Of als je werkte in een branche waar geen werk meer is,

en je schulden nu snel oplopen.

Maar ook als je niet zo rechtstreeks getroffen bent:

de kleur van het leven is er wel vanaf.

Er is gewoon niks aan zo.

 

Normaal op dankdag danken we voor volle supermarkten,

maar zelfs dat viel dit jaar een beetje tegen.

Hoe vaak ik niet ‘bloem’ op mijn boodschappenlijstje had staan,

en dan wéér voor een leeg schap stond.

Alsof iedereen zich op Heel Holland Bakt ging voorbereiden –

ik ben benieuwd of de bakkers dit jaar inderdaad nóg veel beter zijn!

 

Maar kunnen we dankdag dit jaar dan niet beter overslaan?

Nee! Paulus zegt: ‘dank God onder alle omstandigheden.’

Dus ook in dit jaar, dat we het liefst zo snel mogelijk vergeten.

Ik wil met jullie nadenken over die woorden uit 1 Tessalonicenzen 5.

Ik hoop dat het je helpt om ook in deze rare omstandigheden

dankbaar te zijn en positief in het leven te blijven staan!

Laten we het eerst gaan lezen: 1 Tessalonicenzen 5:12-24.

 

1.   Omstandigheden

‘Dank God onder alle omstandigheden.’

Is dat niet een beetje makkelijk van Paulus, een goedkoop advies?

Als jij iets heel ergs meemaakt,

je been moet worden geamputeerd na een zwaar ongeval,

of je moet gedwongen je huis uit omdat je het niet meer betalen kunt,

dan voel je je toch volstrekt niet serieus genomen als iemand zegt:

‘tja, heel vervelend allemaal, maar toch moet je dankbaar zijn.’

Dan denk je: ‘weet je wel waar je het over hebt?

Je kletst maar wat – val mij daar niet mee lastig!’

Is dat met dat advies van Paulus niet ook zo?

Híj zit niet in onze omstandigheden!

 

Nu schrijft Paulus deze brief ook niet rechtstreeks aan ons.

Niet aan Menorah-Zaanstad per adres Postbus 1192 in Zaandam.

Op de envelop van deze brief staat heel duidelijk:

‘aan de christenen in Tessalonica’.

Dus dan is het wel zo eerlijk niet direct naar onze,

maar eerst naar hun omstandigheden te kijken.

In de brief is daar wel wat over te vinden.

Bijvoorbeeld in hoofdstuk 1:6:

‘onder zware beproevingen hebt u het woord ontvangen

met de vreugde van de heilige Geest.’

Of in 2:14: ‘u hebt even zwaar onder uw stadsgenoten geleden

als de gemeenten in Judea onder de Joden.’

Dat klinkt ook niet als heel rooskleurige omstandigheden…

 

Maar je kunt niet zeggen dat Paulus maar wat kletst:

deze omstandigheden kent hij maar al te goed.

In 2:2 schrijft hij: ‘ondanks de mishandelingen en beledigingen

die wij, zoals u bekend is, in Filippi te verduren hadden,

vonden we in vertrouwen op onze God

de moed u bekend te maken met het evangelie.’

Paulus weet wat moeilijke omstandigheden zijn,

weet precies wat de christenen in Tessalonica meemaken,

en komt dán met dit advies: ‘wat er ook gebeurt, dank God!’

 

Als Paulus vandaag zou leven,

en ons vandaag een brief zou schrijven

vanuit een klein flatje in een ver land in lockdown,

dan zou hij ons precies hetzelfde schrijven:

‘dank God in alle omstandigheden.’

Natuurlijk weet Paulus dat dat niet vanzelf gaat,

daarom schrijft hij er ook over.

Papier was veel te kostbaar om open deuren in te trappen.

Paulus zou op zijn satelliet-tv’tje zien wat de coronacrisis met ons doet.

En het zou hem niet heel vrolijk stemmen.

 

Want wat een negativiteit is er in ons landje!

We zijn het land van de korte lontjes geworden: iedereen is boos.

Bij de supermarkt wensen mensen elkaar corona toe

als ze zich aan elkaar irriteren.

Nee, dat heb ik echt niet verzonnen! Helaas…

De een is boos op virusontkenners,

de ander is boos op de Nederlandse regering,

en nog weer anderen zijn gewoon boos,

zonder dat ze weten op wie ze nu eigenlijk boos zijn.

Intussen voelen zorgverleners zich niet meer serieus genomen

en krijgen we in de ene na de andere analyse te horen

dat het allemaal onze eigen schuld is.

Dat giftige mengsel van onvrede en frustraties

is dan weer een fantastische voedingsbodem voor complottheorieën.

Mensen die zeiden dat ze nooit in een God zouden kunnen geloven,

blijken opeens in heel wat raardere dingen te geloven…

 

En het engste: ik merk het ook bij mijzelf.

Dat ik er gefrustreerd en nukkig van wordt,

en dat ik er echt tegen moet vechten

om niet in al die negativiteit mee te gaan.

Daarom heb ik besloten geen persconferenties te kijken:

dan zit ik me de rest van de avond alleen maar op te winden.

Bovendien is het het perfecte moment om boodschappen te doen:

dan heb je de hele supermarkt voor jezelf!

 

2.   Positief leven

Tegenover die negatieve spiraal,

waarin we met elkaar alleen maar gefrustreerder worden,

staat die oproep van Paulus: ‘dank God onder alle omstandigheden.’

Niet omdat dat logisch is, of omdat dat makkelijk is,

maar omdat dankbaarheid een medicijn is tegen negativiteit,

omdat dankbaarheid helpt om positief in het leven te blijven staan,

ook als de omstandigheden je niet blij maken.

 

Daarmee bedoelt Paulus niet dat christenen

een soort ‘plastic’ optimisten moeten worden,

die overal wel weer iets positiefs uit weten te halen.

Sommige dingen zijn nu eenmaal niet positief,

en die moet je ook met een nep laagje plastic mooi maken.

Christenen zijn niet perse mensen

voor wie het glas altijd halfvol is,

die op het irritante af overal wel weer iets positiefs uit weten te halen.

Het is fijn als je een optimistisch karakter hebt,

dat maakt het leven een stukje makkelijker,

maar Paulus bedoelt niet dat je dat als christen geforceerd moet gaan doen,

dat je al het negatieve maar gewoon weg moet relativeren.

Want dan neem je de omstandigheden niet serieus.

Soms is er even weinig positiefs te bedenken, en dat hoeft dan ook niet,

‘maar,’ zegt Paulus, ‘dank ook dan God.’

 

Wat bedoelt hij daar dan mee?

Voor Paulus is danken een levenshouding.

Net als bidden: Paulus zegt dat je dat onophoudelijk moet doen.

Dat is niet de hele dag je handen vouwen en je ogen dicht,

dan gebeuren er namelijk grote ongelukken,

maar wel de hele dag de verbinding met God open houden.

Met danken is het net zo:

het is niet het noemen van zo veel mogelijk dankpunten,

maar een manier van in het leven staan.

Het is beseffen dat je alles wat je hebt van God hebt gekregen.

Het water dat je drinkt, de zuurstof die je inademt – alles!

Dankbaar zijn is beseffen dat God goed voor je is,

ook als er dingen gebeuren die helemaal niet goed zijn.

Dankbaar zijn is ‘nee’ zeggen tegen negativiteit,

en ‘ja’ tegen Gods genade,

en daarom positief in het leven staan,

ook als de omstandigheden niet positief zijn.

 

Weet je, ik denk dat iedereen wel zo in het leven wil staan.

Ook al is iedereen boos, bijna niemand vindt dat echt fijn.

Maar hoe kun je in deze tijd nu niet negatief zijn,

zonder jezelf te bedriegen?

Paulus zou dan zeggen: omdat God van je houdt!

Dat schrijft hij in zijn brief ook, in hoofdstuk 1:4:

‘God heeft u lief, broeders en zusters.’

Dát is de basis, is de reden dat je dankbaar en positief in het leven kunt staan.

 

Weten dat je geliefd bent, maakt verschil voor hoe je in het leven staat.

Als je een dag hebt waarop niets lijkt te lukken,

maar je hebt wel een warme familie of goede vrienden,

dan maakt dat die baaldag minder belangrijk,

het helpt je om positief te blijven.

Als je net verkering hebt, stapelverliefd bent,

sta je direct een stuk positiever in het leven,

en kun je veel gemakkelijker met dingen omgaan

die je anders van je stuk zouden hebben gebracht.

 

Dé reden om positief te blijven, de basis onder dankbaarheid,

is dat God van je houdt.

Als je dat goed tot je laat doordringen, dan wordt je daar blij van.

Daarom kan Paulus ook zeggen: ‘wees altijd verheugd’.

Niet omdat het leven altijd vrolijk is, maar omdat God van je houdt.

‘God is trouw’, zegt Paulus even verderop, ‘en doet wat hij belooft.’

Dat maakt dat het niet alleen fijner is om positief in het leven te staan,

maar dat je ook een reden hebt om dat te doen.

 

Want het werkt door in je leven.

Als de basishouding negatief is, als je gedreven wordt door boosheid en frustratie,

dan kleurt dat ook de rest van je leven.

Voor je het weet kom je door je coronafrustratie terecht in een negatieve modus.

Je begint te zeuren en te mopperen,

ook over dingen die helemaal los staan van corona.

Je sluit je op in je eigen gelijk, en maakt je wereld zo kleiner.

Je gaat ruzie maken en vervreemdt mensen van je.

Negativiteit is een fuik waar je in verstrikt raakt,

en waar je heel moeilijk weer uit komt.

 

Maar dankbaarheid werkt net zo goed door in je leven.

Als jouw basis is dat je weet dat God van je houdt,

dat God voor jou zorgt,

dat je alles wat je hebt van God gekregen hebt,

dan kleurt dat óók de rest van je leven.

Dan zit je namelijk al in een positieve modus,

en is het veel makkelijker om ook andere positieve dingen te zien.

 

Even een onbenullig voorbeeld:

ik noemde dat de bloem steeds uitverkocht was.

Maar dat is niet het hele verhaal:

sóms stond er namelijk duurdere biologische bloem als alternatief.

Als je al in een negatieve modus zit,

dan ga je daar waarschijnlijk ook negatief op reageren:

‘ja hoor, ik ga zeker 2 keer zo veel betalen voor een pak bloem – dacht het niet!’

Maar als je basishouding positief is,

dan ben je juist blij dat je tóch nog koekjes kunt bakken!

Dus: als de basis positief is,

omdat je weet dat God wel voor je zorgt,

dan kun je ook in de dagelijkse dingen positief in het leven staan.

Dan kun je dankbaar zijn voor dubbel zo dure bloem.

Dankbaarheid is een houding die zichzelf versterkt.

 

Die oproep, ‘dank God onder alle omstandigheden’,

moet je dus niet zien als onmogelijke opdracht

van iemand die geen idee heeft waar hij het over heeft.

Het is juist een advies vol wijsheid:

hoe moeilijk het leven ook is, trap niet in de valkuil van negativiteit,

maar leef juist vanuit dankbaarheid.

‘Dat’, zegt Paulus er achteraan, ‘is wat God van u verlangt.’

Anders gezegd: dat is Gods verlangen voor jou –

hij gunt jou een dankbaar leven!

 

3.   Dankbaar

Hoe kun je daarin groeien?

Je kunt groeien in dankbaarheid door er een gewoonte van te maken

elke dag een paar positieve dingen op te schrijven

waar je God voor wilt danken.

Of door jezelf te dwingen dat als je bidt,

je dan niet direct naar  de dingen gaat die je van God zou willen,

maar eerst de tijd neemt om God te bedanken.

En ik zou zeggen: doe dat soort dingen vooral!

 

Maar het begint bij die basis:

dat je weet dat je door God geliefd bent,

dat God trouw is en jou geeft wat je nodig hebt.

Dat geeft namelijk zoveel meer diepte aan dankbaarheid!

Elke psycholoog zal je vertellen dat het goed is positief te denken,

maar met God heb je ook een reden om positief te denken:

hij houdt van je!

Wil je groeien in dankbaarheid, begin dan daar.

Houdt het jezelf elke dag even voor:

‘ik ben geliefd door God.’

Of nog mooier: zeg het steeds tegen elkaar –

‘jij bent geliefd door God.’

Amen.